Het leven van een christen (3/2)

“Daarom dan ook, alzo wij zo groot een wolk der getuigen rondom ons hebben liggende, laat ons afleggen alle last en de zonde die ons lichtelijk omringt, en laat ons met lijdzaamheid lopen de loopbaan die ons voorgesteld is, ziende op de overste Leidsman en Voleinder des geloofs, Jezus, Dewelke voor de vreugde die Hem voorgesteld was, het kruis heeft verdragen en schande veracht en is gezeten aan de rechterhand van de troon van God.”

Hebreeën 12: 1 en 2

 

Volharden

Daarom dan ook wij, zo begint vers 1. Gemeente van de Hebreeën, niet verslappen, je niet onttrekken, niet terugkeren naar de wereld, niet inzinken, maar volharden tot het einde. Daarom dan ook wij, laat ons met lijdzaamheid lopen de loopbaan die ons is voorgesteld. De antieke wereld mocht zich verheugen in een grote belangstelling voor de sportbeoefening.  De schrijver gebruikt het beeld van de rensport. De renners staan in de startblokken klaar om het parcours te lopen. Zij spannen alle krachten bij het lopen in om als eerste de eindstreep te halen. Lopen in de renbaan. Het komt aan op het volhouden tot het laatste stukje toe. Verslappen kan desastreuze gevolgen voor de renner hebben.

Het leven van een christen is een zodanig lopen op de loopbaan dat hij het einde zal bereiken. Dat vraagt inspanning en aandacht. Het leven is immers strijd, een geloofsstrijd. Geloven gaat met strijd gepaard vanwege de bestrijding van de zijde van de wereld, de satan en ons eigen vlees. Bij de bestrijding van de kant van de wereld kunnen we denken aan de verleiding, de vijandschap en de vervolging die de kerk heeft te duchten van de wereld. In de wereld zult gij verdrukking hebben. Wordt aan deze wereld niet gelijkvorming.

De satan is de grote tegenstander van God en van de kerk. Hij bestrijdt de kerk openlijk met grof geweld of heimelijk op een verborgen, maar zeer gevaarlijke wijze. De grootste vijand is te vinden binnen de muren van eigen vesting, mijn zondig vlees, dat zich aan Gods wet en wil niet onderwerpt. Wie kent niet de kracht van de inwonende zonden? Paulus klaagt over het lichaam des doods.Johannes waarschuwt in zijn eerste brief voor de begeerlijkheid des vleses en de begeerlijkheid der ogen en de grootsheid des levens. 

 De strijd is hevig en bij ons is geen kracht tegen die grote menigte. Wie is aangewezen op eigen kracht is bij voorbaat verliezer. Je kunt op de renbaan in die strijd moedeloos worden, verslappen en inzinken en terzijde van de weg gaan neerzitten om af te haken. Laten we volharden om het einde te bereiken. Lijdzaamheid is zoveel als volharding. Wie volharden zal tot het einde die zal zalig worden. In de DL lees ik heel mooie woorden. “ Ter oorzake van de overblijfselen der inwonende zonde  en ook vanwege de aanvechtingen der wereld en des satans, zouden de bekeerden in die genade niet kunnen volstandig blijven zo zij aan hun eigen krachten overgelaten worden. Maar God is getrouw, die hen in de genade hun eenmaal gegeven barmhartig bevestigt en ten einde toe krachtig bewaart.” (DL,V,3).Volharden is een vrucht van de bewarende hand des Heeren.  

 Laat ons met lijdzaamheid lopen de loopbaan die ons is voorgesteld. Inderdaad, het leven kan heel moeilijk voor u zijn. De levensweg is dikwijls vol moeiten en lijden, zodat u meent dat uw weg veel zwaarder is dan die van anderen. Je wordt niet alleen moedeloos, maar krijgt zelfbeklag en zelfmedelijden en kunt over de zorgen en moeiten niet meer heen kijken. Er is geen doorkomen aan. Je dreigt te bezwijken.

 Er wordt gesproken over een loopbaan die ons is voorgesteld. Hij ligt voor ons. Wie de hand aan de ploeg slaat en ziet achterom is niet geschikt voor Gods koninkrijk. Denk aan de vrouw van Lot. Zij keek achterom, kon haar wereldje niet loslaten en werd een zoutpilaar.

Een  loopbaan die voor ons ligt. Je zou daarnaast ook kunnen  zeggen dat die loopbaan voor ons geplaatst is, voor ons bepaald. Dan valt te zeggen dat het een loopbaan is die voor ons bestemd is. Immers werkt de Heere alle dingen naar de raad van Zijn wil. (Ef.1, 11). Laten we maar niet kijken naar het leven en de levensgang van een ander. Een ieder heeft zijn eigen baan te gaan. Voor ons bestemd. Zo leidt de Heere mijn leven. Laten we onze eigen baan lopen met volharding.

 

Helaas haken velen af. Dan zal blijken dat ze niet wezenlijk op de loopbaan zijn geweest. Hier  klinkt een dringend appel op ons allen. Op ouderen en ook op de jeugd. Laten we toch die loopbaan met alle strijd en moeiten lopen met volharding tot het einddoel bereikt is. En dat is de eeuwige vreugde des Heeren. Heere, bewaar ons en houdt U ons vast door Uw genade. 

 Opletten 

De renners op de loopbaan kunnen tijdens het lopen op de toeschouwers letten, op zichzelf en ook op de loopbaan en dan vooral op het doel, het einde.Eerst letten ze op de toeschouwers. Die waren er in groten getale. Zij bevolkten de oplopende banken rijen aan weerszijde. Zij juichten de lopers toe, spoorden hen aan en bemoedigden vooral hun favoriete renners.

Alzo wij zo groot een wolk der getuigen rondom ons hebben liggende. Een wolk van getuigen. Het beeld van de wolk geeft de veelheid van een dicht opeen gedrongen massa aan en tegelijk haar eenheid. Er zijn zeer veel toeschouwers en er is tussen hen een eenheid. Een wolk der getuigen. Zij worden getuigen genoemd. Zij hebben ook de loopbaan gelopen en zijn getuigen van dezelfde strijd en uitkomst. Zij kennen de zwaarte van de strijd en de vele moeiten. Zij weten van hun eigen zwakheid, klein- en ongeloof. Zij hebben weet van Gods genade en de oefeningen van het geloof. Het zijn dus getuigen die zelf in die loopbaan gelopen hebben en overwonnen hebben door Gods genade. Zij hebben het getuigenis van God ontvangen dat zij Hem welgevallig waren.

 We denken aan de genoemde geloofshelden uit hoofdstuk 11 en nog veel meer. Het zijn zij die nu in de triomf in de hemel verkeren, de triomferende kerk. Hun getuigenis staat in de Schrift en zij bemoedigen en vermanen door het voorbeeld beschreven in de Schrift. Er gaat van hun leven zowel een bemoedigende als een vermanende werking uit. Een wolk der getuigen. Het is dus goed om in de loopbaan dicht bij en uit de Schrift te leven.

 De renners letten op zichzelf. Immers, om met nog meer snelheid te kunnen lopen in de verwachting om als eerste de finish te bereiken en zo de overwinning te behalen, dienen ze door zo weinig mogelijk zaken gehinderd te worden. Het zou dwaas zijn om heel dik gekleed te gaan en allerlei bagage mee te nemen of te sjouwen. Ze leggen alle lasten af die zouden kunnen hinderen om een optimale prestatie te kunnen leveren.

Laat ons afleggen alle last en de zonde die ons lichtelijk omringt. Alle last. Alles wat ons hindert om volhardend te lopen en het einddoel te bereiken. Bij lasten kunnen we denken aan allerlei zaken die ons geheel in beslag nemen en afleiden van waar het werkelijk omgaat in het leven. Zoals de dagelijkse beslommeringen, het zoeken van rijkdommen, het totaal opgaan in het werk, buitensporige liefde tot de wereld en haar materiële zaken en zo heel veel meer. In onze dagen vooral het materialisme waardoor we als het waren gevangen zijn en dat ons geestelijk leven in afhankelijkheid van de Heere bedreigt. 

Maar naast de lasten worden we gewezen op de zonde die ons lichtelijk omringt. De zondige aard die ons als een goed passend kleed omringt. De zonde die ons zo gemakkelijk kan aankleven en waarvan we zo moeilijk los kunnen komen. Al is het alleen al die boezemzonde, die zonde die we als het ware koesteren en die ons leven doortrekt.

 Afleggen alle last, afleggen de oude mens om in nieuwheid des levens te wandelen. Want zonder heiligmaking kan niemand God zien. Juist het overgeven aan de zonde doet ons verslappen. Brengt ons van de Heere af. En wat kan het zijn dat bij het ouder worden we meer en meer zonden ontdekken, inwonende zonden. Afleggen alle last, alles wat ons hindert en belemmert.

 

Maar hoe dan? Kunt u het?