Leven in de eindtijd 2

Leven in de eindtijd (2)
“En leert van de vijgeboom deze gelijkenis; wanneer nu zijn tak teder wordt en de bladeren uitspruiten, zo weet gij dat de zomer nabij is. Alzo ook gij, wanneer gij deze dingen zult zien geschieden, zo weet dat het nabij, voor de deur is. ”
Markus 13: 28 en 29

Aan het einde van de woensdag verlaat de Heere Jezus de tempel. Voor goed. Straks als Hij in de paasnacht naar de hof Gethsemané gaat, loopt Hij nog één keer over het tempelplein. Maar dan geeft Hij niet meer aan de schare onderwijs. Hij verlaat de tempel. Op vrijdag zal Hij gekruist worden. De laatste dagen heerste er in de tempel een geladen sfeer. De leidslieden besloten tot de dood van Christus. Zij toonden openlijk hun vijandschap tegenover Hem. Jezus sprak over de ongelovige leidslieden Zijn oordeel uit. Hij had al gesproken over de verwoesting van de stad(Matth. 23, 38 en Lukas 19, 43 en 44).
Door dit alles Zijn de discipelen hevig geschrokken en in de war. Wat gebeurt er allemaal? Dit gaat dwars tegen hun opvattingen over de toekomst van de Messias in. Zij wijzen hun Meester op de schoonheid van de tempel. Zie, welk een indrukkwekkend en imposant en heilig gebouw. Uniek in deze wereld. Het is een gebouw van ongekende schoonheid. Zeer grote stenen. Wit marmer met goud, dat schittert in de zon. Indrukwekkende galerijen. De tempel is voor hen het vaste punt. Wat er ook gebeurt, de tempel, het huis des Vaders zal blijven, gaat niet ten onder. Immers zal Christus in de tempel zijn Koninklijke heerlijkheid openbaren. Zij hebben ervan gezongen: “Gezegend zij het koninkrijk van onze vader David hetwelk komt in de naam des HEEREN.” (Markus 11,10).Deze toekomst lacht hen toe. Maar Jezus trekt er radicaal een streep door. De toekomst zal er heel anders uitzien.
Al eerder was er iets op het tempelplein gebeurd. Op dinsdag had de Heere Jezus heel het tempelbedrijf stil gelegd (Markus 11, 15 – 17). Hij is het Lam door de Vader gegeven tot volkomen verzoening. De tempel zal namelijk totaal verwoest worden. “Er zal niet een steen op de andere gelaten worden die niet zal worden afgebroken”. Afgebroken voor goed. Er zal geen andere tempel op die plaats komen. De tempeldienst is vervuld  in Christus. Immers is Gods kerk de levende tempel.
De leerlingen zijn helemaal perplex. Dit verstaan zij niet. Wanneer zullen deze dingen zijn, zo vragen zij. Zal dat ooit gebeuren? En als dat gebeurt wat betekent dat allemaal? 
 
En nu moeten we opletten. We vroegen ons af hoe een christen in deze wereld moet staan. Een wereld die snelt naar haar ondergang als Christus terugkomt. Ziet toe, zei de Heere Jezus. We lezen in vers 5 dat Jezus tot hen zegt: Ziet toe, dat u niemand verleide. Velen zullen proberen hen en ons  op een dwaalspoor te brengen. Dit is het eerste waarop we moeten toezien. Grote aandacht gevraagd van christenen! We moeten ons niet van het spoor van Gods Woord, van het onderwijs van de Heere Jezus laten afbrengen om te verdwalen. Dat gebeurt zo gemakkelijk en snel. De wereld is erop uit en ook van binnenuit dreigt dit gevaar voor de kerk.   
Want velen komen met een hoge pretentie en zullen proberen hen en velen en ons te verleiden, op een dwaalspoor te brengen. Zij zullen hun boodschap kracht bijzetten door te beweren dat zij spreken in de naam en op het gezag van de Heere Jezus. Zij zuilen zelfs beweren dat ze Hem vertegenwoordigen. Jezus waarschuwt: Laat u niet verleiden. Wees dus gewaarschuwd. Het nut van deze beproevingen is dat de gelovigen meer en meer van mensen en menselijke meningen zullen afzien, om alleen zich te houden aan Gods Woord en daarin meer gefundeerd worden. Ja, zij zullen meer en meer verlegen worden om het onderwijs van de Heilige Geest. 
 
Hoe ziet de toekomst er uit? We zullen horen van oorlogen en geruchten van oorlogen; oorlogen dichtbij en veraf. Volken en koninkrijken zullen tegen elkaar opstaan. Er zullen aardbevingen en hongersnoden zijn. We weten er alles van. De media berichten ons al deze gebeurtenissen. Denk niet dat deze gebeurtenissen de directe aankomst van de grote dag aankondigen. Neen, het einde is er nog niet. Deze dingen zijn nog maar een beginsel der smarten. Het begint nog maar. Er komen nog zwaardere verdrukkingen.
 
Hoe heeft een christen in deze wereld te staan, zo vroegen we ons af. De Heere Jezus zei: Ziet toe. We komen deze opwekking nog meer tegen in dit hoofdstuk, nu in vers 9. Maar ziet gij voor u zelf toe. Wat zal er gebeuren? Zie vooral op jezelf toe, zegt Jezus tegen Zijn leerlingen en aan alle gelovigen over heel de wereld. Let goed op jezelf. Jullie zullen gehaat worden. Jullie zullen overgeleverd worden aan raadsvergaderingen ( in Palestina) en in synagogen (over heel de wereld). Jullie zullen geslagen of gegeseld worden. Jullie zullen voor stadhouders en koningen gesteld worden. Dat alles vanwege de naam van Christus. Zij hebben Mij gehaat, zij zullen u haten. Dit trekt door tot in gezinnen en families. Christenen zullen gedood worden. Dit alles moet geschieden. Dat is het teken van de eindtijd. Haat tegen de christenen en vervolging van de kerk. Dit gebeurt in vele delen van onze wereld. Denk aan  de vervolging van christenen in Moslimlanden, in Noord Korea.
Wij schrikken heel snel en schieten direct in de verdediging  of in zelfmedelijden als we de knellende band van de secularisatie en verwildering en haat van de ons omringende wereld en maatschappij ervaren. Maar laten we beseffen dat Christus het heeft voorspeld. Zo zal de eindtijd zijn. U zal als kerk van allen gehaat worden. Let dan goed op u zelf om staande te blijven in het geloof. Het is niet vreemd wat u overkomt. 
 
Heel  belangrijk is dat Jezus zegt dat het evangelie eerst moet gepreekt worden onder alle volken. Dit is een zeer voorname zaak om op te letten. Waarom? De Heere Jezus heeft gezegd dat de gelovigen vervolgd zullen worden. Zij zullen voor allerlei overheidspersonen gebracht en gemarteld worden. Om Mijnentwil zegt Jezus. Ter wille van Hem en de belijdenis van Zijn naam. Het gaat om de zaak van Christus. “Indien u de wereldhaat, zo weet dat zij Mij eer dan u gehaat heeft.” (Joh.15, 18). Het  verschijnen van de gelovigen voor allerlei overheidspersonen is hun tot een getuigenis. De wereld wordt als het ware voor de rechtbank van God gedaagd. De Heilige Geest zal de wereld overtuigen van zonde omdat zij in de Heere Jezus niet geloofd hebben. Zo wijst de Geest door het getuigenis van de kerk, juist ook van de vervolgde kerk overtuigend de zonde van de wereld aan. Zij buigt niet voor het Woord, maar vervolgt de kerk. De wereld is niet te verontschuldigen. De wereld is alrede geoordeeld omdat  haar overste geoordeeld is. Tegelijk is dit getuigenis als een klop op het geweten van de wereld om tot geloof te komen.
Maar er is meer te zeggen. Ondanks de vervolging en haat zal toch het evangelie in heel de wereld verkondigd worden. De satan zal het verliezen. De Ruiter op het witte paard gaat de wereld door, overwinnende en opdat Hij overwon (Op.6, 2). De zaak van het evangelie is niet te stuiten .