Mijn ziekbed (90)

Dit had ik niet gedacht. Nog een nieuwe aflevering in het jaar 2016. De Heere draagt en spaart in Zijn goedheid. De gebruikelijke vraagstelling bij een ontmoeting, een telefoongesprek, via een mail: Hoe gaat het met u? Hoe gaat het met uw vrouw? Goed bedoeld. Zeker waar. Maar niet zo gemakkelijk te beantwoorden onder onze omstandigheden. Ja, hoe gaat het?

 

Voor mijn vrouw is deze weg ook zwaar. Zij draagt en lijdt mee. Ook haar leven is radicaal veranderd. Elke dag is weer een wonder dat  we nog samen zijn. Zij kan gemakkelijk in huis verblijven en leest graag. Voorheen gingen we toch iedere dag de deur uit. Om wat boodschappen te doen. We hadden daarvoor zo onze vaste adressen. In Zeeland kun  je veel verse producten bij boerderijen kopen. Of om wat te rijden door het mooie landschap van Zeeland. Kijken bij de Oosterschelde of de Westerschelde of de zee of wat zwerven door de zak van Zuid-Beveland met haar aparte landschap. Dat gaat allemaal niet meer. Ik mag niet zelf autorijden. En dat is het ergste nog niet. Zij wordt gewaar de afbraak van mijn lichaam.

Ja, ik kan er goed inkomen dat velen onder dezelfde of vergelijkbare omstandigheden gaarne heel de dag het bed verkiezen. Ik ben naar lichaam en geest eindeloos moe heel de dag door. Ik probeer me zolang dat nog mogelijk is ertegen te verzetten om toch uit bed te komen. Bij het opstaan in de morgen overvalt mij een  moeheid. Eerst maar even gaan zitten. Van de geringe energie die ik nog bezit probeer ik wat kruimels bij elkaar te schrapen. Na de lunch ga ik enkele  uren slapen. Na het avondeten kruip ik toch nog een kleine twee uurtjes onder de wol. Mijn lichaam en geest vragen naar deze bedrust. Om ongeveer half elf  breekt voor ons beiden de nachtrust aan.

Als u dit schema voor ogen houdt moet u concluderen dat voor ons de dag kort is. In de uren dat ik dan wat rondloop in huis lees ik de krant aan tafel, of een boek in een gemakkelijke stoel of ik werk wat achter de  computer. Dit alles gaat mij niet meer zo vlot af als voorheen. Het verlies aan concentratievermogen speelt mij parten. Het lukt mij niet meer om flink aan de studie te gaan en een meditatie te maken. Gelukkig staan er op mijn computer nogal wat preekschetsen. Dankbaar maak ik daarvan gebruik. Zo ook met de meditatieve verhandeling over De zin van Christus. In Oud Beijerland heb ik de laatste maanden een aantal keren over de eerste hoofdstukken van de eerste brief aan de Korintiërs gepreekt. Eveneens over het betreffende Schriftgedeelte. Die preekschets heb ik gebruikt en wat bijgewerkt. Het gaf mij vreugde om zo weer met de Schrift bezig te mogen en de boodschap door te geven.

 

Juist wanneer je op bed ligt gaan er veel gedachten en vragen door je heen. Vooral over de uitleg van de Schrift en over zaken betreffende het geestelijke leven. Hoe zit dat toch en hoe moet ik dat zien en wat betekent dat!? Vragen te over. De antwoorden liggen niet direct voor het grijpen. Ik bid de Heere om het licht van de Heilige Geest. Van Hem is beloofd dat Hij leidt in alle waarheid. HEERE, maak mij Uwe wegen door Uw Woord en Geest bekend.

Midden in de nacht en bij het ontwaken kwam de HEERE mij voor met woorden uit de brief aan de Efeziërs het tweede hoofdstuk. “Want uit genade zijt gij zalig geworden door het geloof en dat niet uit u, het is Gods gave. ” Welk een woord. Gij zijt zalig geworden. Verlost van het grootste kwaad en gebracht tot het hoogste goed.  Verlost uit de dood en gebracht tot het leven. Verlost uit de duisternis en gebracht tot het licht. Weet u ervan in uw leven?  Bij sommige kinderen van de HEERE grijpt Hij op bepaalde momenten krachtdadig in. Zij weten van dag en uur. Bij anderen werkt de HEERE meer langs de geleidelijke weg. Gij zijt zalig geworden. Wat een wonder. Niet te vatten.  Het geestelijke leven is steeds weer in de strijd. De vijanden sluipen binnen en steken de kop op. Het dodelijke ongeloof en het vleselijk bestaan van de mens. Echter, de HEERE laat niet varen de werken van Zijn handen. Hij komt terug op Zijn eigen werk en Hij komt Zijn werk bevestigen. Gij zijt zalig geworden.

Hoe? Uit genade en door het geloof. Er valt in mij niet te roemen. Alle roem is uitgesloten, onverdiende zaligheen heb ik van mijn God genoten, ik roem in vrije gunst alleen. Mijn vrouw en ik bidden vaak samen: Zie in gunst op ons van boven, wees ons toch genadig o HEERE. Het is genade om genade te ontvangen. Door het geloof. Nee, niet het geloof op zich maakt zalig. Het is een instrument. Maar het Voorwerp des geloofs. Het geloof neemt de toevlucht tot Christus en verenigt met Christus. Door het geloof, het geschonken geloof mag ik rusten op het volbrachte werk van Christus.

We hebben  dit jaar geen kerst/nieuwjaarskaarten verstuurd.  Vanaf deze plaats wensen we u allen, in welke omstandigheden u ook verkeert, voor het jaar 2016 Gods onmisbare zegen toe. We bidden met de Psalmdichter: Gedenk mijner, o HEERE, naar het welbehagen tot Uw volk, bezoek mij met Uw heil. (Psalm 106: 4 )

Van ons beiden de hartelijke groeten

 

ds. en mevr. Pronk