Paulus aan Rome 03

Paulus en Rome (3/4)
“Paulus, een dienstknecht van Jezus Christus, een geroepen apostel, afgezonderd tot het evangelie van God.”
“Allen, die te Rome zijt, geliefden Gods en geroepen heiligen, genade zij u en vrede van God onze Vader en de Heere Jezus Christus.”
Romeinen 1: 1 – 7
 

De Heilige Schriften zijn vol van Christus. Zij bevatten Gods openbaring in Christus. Daarom behoort elke preek, elke verkondiging van het evangelie vol te zijn van Christus. Wanneer Christus niet is verkondigd is er waarlijk niet gepreekt. Het geloofsleven is gericht op Christus. Neem Christus weg, ik houd de dood over. Het is de taak van een dienaar van Gods Woord zielen te leiden tot Christus. En hen niet afhouden. Helaas gebeurt dat laatste veel, te veel, op allerlei manier .   Het evangelie van God is dus al zeer vroeg in de geschiedenis door de profeten beloofd en verkondigd. De inhoud van dit evangelie is de Zoon van God. Van Zijn Zoon, schrijft Paulus. Jezus van Nazareth die in Jeruzalem is gekruisigd en opgestaan uit de doden is de Zoon van God. Dit moet de heidenen in Rome wel als een raadsel in de oren geklonken hebben. Die onbekende man die in Jeruzalem gekruisigd is een zoon van God?! O jawel, zij weten van godenzonen. Beroemde heersers werden in Klein Azië wel een godenzoon genoemd en als zodanig vereerd. In Rome werden gestorven keizers als goden vereerd. De heidenchristenen in Rome zijn hiermee vanuit hun eertijds bekend. De dringende boodschap kwam tot hen: Wend je van deze heidense meningen volkomen af. Het is dwaasheid. Jezus Christus is de Zoon van God. De enige Zoon van God.  
 
 
En weet u wat het genadewonder is? Gods Zoon is mens geworden, heeft de menselijke natuur aangenomen. Het Woord is vlees geworden en heeft onder ons gewoond. Die geworden is uit het zaad van David. Hij is voortgekomen uit een zeer oud geslacht, uit het koningshuis van David. David leefde voordat de stad Rome werd gesticht. Het huis van David lag eeuwenlang onder de belofte van de komende zoon van David. De Heere had immers door de profeet Nathan beloofd: “Ik zal uw zaad na u doen opstaan, dat uit uw lijf voortkomen zal en Ik zal zijn koninkrijk bevestigen. Die zal Mijn naam een huis bouwen en Ik zal de stoel van zijn koninkrijk bevestigen tot in eeuwigheid.” (2 Sam.7: 12 en 13) 
 
 
Gods Zoon heeft ons vlees en bloed aangenomen om daarin te lijden te sterven. En buiten alle twijfel, de verborgenheid der godzaligheid is groot; God is geopenbaard in het vlees. In Zijn Zoon is God tot ons gekomen. God is in Christus zeer diep afgedaald en heeft zich genadig tot mensenkinderen gewend. In Zijn Zoon ontsluit zich voor verloren zondaren Gods gemeenschap. Wendt u naar Mij toe, alle gij einden der aarde. In Hem worden zondaren tot kind van God aangenomen. Jezus de gekruiste en opgestane Heere is Gods Zoon. Hij is God en mens in één  persoon. Immanuel. Zulk een middelaar is nodig die God en mens kan verzoenen. Hij is opgestaan uit de doden en zit in al Zijn heerlijkheid aan de rechterhand van de Vader. Job zegt: “Er is geen scheidsman tussen ons die zijn hand op ons beiden leggen mocht. (Job 9, 33). Men vertaalt ook wel met: Was er maar een scheidsman tussen ons. We kunnen zeggen: Hij is er. Jezus Christus. Als mens legt Hij zijn hand op een zondaar en als God op zijn Vader om deze beiden met elkaar te vezoenen door Zijn bloed en voorbede.  
 
Paulus schrijft in vers 4: “Die krachtelijk bewezen is te zijn de Zoon van God naar de Geest der heiligmaking uit de opstanding der doden.” De inhoud van het evangelie dat van God komt is Zijn Zoon, die God is en blijft en mens is geworden. Hij is Jezus Christus, onze Heere. Wat wil Paulus nu met de woorden uit vers 4 zeggen? Jezus is bepaald, aangewezen Gods Zoon te zijn in kracht uit de opstanding der doden. In kracht, in mogendheid, in Majesteit. Hij toonde Zijn majesteit en Goddelijke mogenheid in de opstanding uit de doden. In Zijn opstanding uit de doden en Zijn hemelvaart en zitten aan de rechterhand van de Vader is onomstotelijk  aangewezen dat Hij Gods Zoon is. Door Zijn mogendheid heeft Hij de dood overwonnnen. Hij is onze Heere die alle macht heeft in hemel en op aarde. Zijn onderdaan te zijn geeft rust, veiligheid, onderworpenheid en toekomst. 
 
 
Er staat nog bij: Naar de Geest der heiligmaking. Wat betekenen deze woorden in dit verband? Er zijn drie meningen. Met de Geest der heiligmaking wordt bedoeld de Heilige Geest. Christus is gezalfd met de Heilige Geest bij Zijn doop in de Jordaan. Hij is drager van de HeiligeGeest Die in Hem woont en in Hem werkzaam is. Jezus is in de vroege morgen van de paasdag opgewekt door Zijn Vader, opgestaan in eigen goddelijke kracht en door de werkzame kracht van van de Heilige Geest. (Rom.8,11  en 1 Kor.15, 44 en 45.).Ook van de opstanding geldt dat deze is uit de Vader, door de Zoon en in de Heilige Geest. Met de aanduiding de Geest der heiligmaking of heligheid kan aangegeven zijn dat Christus is opgestaan naar Zijn Goddelijke natuur die een eeuwige geest wordt genoemd. Hij is opgestaan uit de dood door de kracht van Zijn goddelijke natuur die de menselijke natuur ondersteunde (Hebr.9,14). Deze verklaring is heel aannemelijk als we letten op het verband. In vers 3 lezen we dat Hij geworden is uit het zaad van David naar het vlees, dat is naar zijn menselijke natuur. In vers 4 dat Hij opgestaan is naar de Geest der heiligmaking, dat is naar zijn Goddelijke natuur.       
 
 
Er is nog een derde verklaring die mij bijzonder aanspreekt. De Geest der heiliging. Kijk eens om u heen. Hij brengt zondaren tot geloof in Hem. Hij verricht Zijn kerkvergaderend werk. Hoe doet Hij dat en hoe brengt Hij zondaren tot bekering en geloof? Door de heiligmaking des Geestes. Heiligmaking of heiliging wil zoveel zeggen als het toebrengen van zondaren tot het geloof in Christus. Dat is het werk van de Geest. Hij wederbaart, schenkt geloof en bekering. Hij verheerlijkt Christus in het leven van zondaren. De Heilige Geest brengt duizenden en duizenden toe. Sedert de opstanding van de Heere Jezus komen velen tot geloof onder de joden en de volken. Christus verricht dat werk door Woord en Geest. Hierin komt openbaar Zijn Goddelijke mogendheid en majesteit.We komen deze gedachte ook tegen bij Calvijn. Ik wil u deze niet onthouden. Calvijn zegt dat Christus verklaard is Gods Zoon te zijn door de hemelse kracht des Geestes, openlijk en waarachtig bewezen toen Hij van de doden weder opstond; doch dat deze mogendheid begrepen wordt als zij door diezelfde Geest in de harten verzegeld wordt. (commentaar op de brief aan de Romeinen bij vers 4). De Heilige Geest verzegelt, bevestigt en maakt deze weldaad vast in het hart. De Geest verlicht het verstand en opent het hart en brengt waarheid als vast en zeker in het hart.
Dat de Heilige Geest de waarheid van het evangelie verzegelt en bevestigt in harten van zondaren komen we ook tegen bij Calvijn als hij in zijn institutie het geloof omschrijft. Hij doet dit als volgt. “Het geloof is een vaste en zekere kennis van Gods welwillendheid jegens ons die gegrond is op de waarheid van zijn genadige belofte in Christus en door de Heilige Geest zowel aan ons verstand wordt geopenbaard als aan ons hart verzegeld." Het is de Geest der heiligmaking die ons naar Christus leidt, Hem uit het Woord doet kennen en Zijn weldaden in Zijn opstanding geopenbaard aan ons hart verzegelt, vastmaakt zodat we eruit mogen leven.