Paulus aan Rome 12

Paulus schaamt zich niet.
“Want ik schaam mij het evangelie van Christus niet; want het is een kracht Gods tot zaligheid een iegelijk die gelooft, eerst de jood en ook de Griek. Want de rechtvaardigheid Gods wordt in hetzelve geopenbaard uit geloof tot geloof; gelijk geschreven is: Maar de rechtvaardige zal uit het geloof leven.”
Romeinen 1: 16 en 17
 

Als Paulus gewaagt van het evangelie als een kracht Gods tot zaligheid betekent deze zaligheid verlossing uit onze de verlorenheid en het doen delen in het heil van het eeuwige leven. We vragen ons af hoe dat mogelijk is. Omdat in het evangelie de rechtvaardigheid Gods wordt geopenbaard. Door deze rechtvaardigheid Gods is een zondig mens rechtvaardig. Wat hebben we te verstaan onder Gods gerechtigheid? Ik denk aan twee zaken. Laten we eerst dit zeggen. Omdat God liefde is, geeft Hij ook liefde. Omdat God Zelf wijsheid is, maakt Hij ook wijs. We kunnen dus zeggen omdat God rechtvaardig is, schenkt Hij ook gerechtigheid.
Dat God rechtvaardig is wil zeggen dat Hij doet wat van Hem is te verwachten op grond van Zijn verbond. Gerechtigheid wil zoveel zeggen als voldoen aan je bestemming. Zo oefent God gerechtigheid door te straffen en te redden. Hij heeft Zijn volle toorn in Christus gestild. De straf der zonde is op Christus gedaald. En in en door Hem geeft God redding, verlossing. Zo valt te zeggen dat gerechtigheid is alles wat een zondaar nodig heeft om voor Gods rechterstoel te kunnen bestaan. Zijn straffende gerechtigheid is in Christus getoond. Door Christus schenkt God de gerechtigheid. In en door die gerechtigheid staat een zondaar recht voor God en heeft hij deel aan de vergeving, aan het heil, het volle leven. Welnu, die reddende gerechtigheid wordt in het evangelie geopenbaard, treedt in het evangelie aan het licht. Zij was verborgen in Gods raad, maar is nu vast geopenbaard in Christus in het evangelie. Volgens de Joden openbaart God Zijn gerechtigheid aan het einde van de wereldgeschiedenis. Paulus leert dat Gods gerechtigheid alrede, dat is nu  geopenbaard is in het evangelie. Waar het evangelie wordt verkondigd komt Gods gerechtigheid in de nodiging tot ons.
 
Wie ontvangt die gerechtheid als een geschenk? Een ieder die gelooft, zo staat er in vers 16. En in vers 17 lezen we: Want de rechtvaardigheid Gods wordt in hetzelve geopenbaard uit geloof tot geloof. Een opmerkelijke uitdrukking. Uit geloof tot geloof. Je zou zeggen: van a tot z geloof. Alleen door het geloof is een mens voor God rechtvaardig. Met nadruk wordt melding gemaakt van het geloof. Ik ontvang de gerechtigheid niet door mijn daden of werken. Alles wat een kind van God is, is deze alleen uit genade. In onszelf zijn we niets en hebben we niets om ons God waardig te maken. Een christen leeft alleen uit geloof. 
Misschien zou je kunnen zeggen dat deze uitdrukking ook een toename aangeeft. Het begint met geloof en dit leidt tot versterking in het geloof. Het geloof leert mij met lege en schuldige handen tot Christus te komen. Door het geloof leer ik amen zeggen op Gods belofte. In het geloof leer ik de toevlucht tot Christus te nemen. Het geloof leert mij de handen om Christus te slaan om in Hem alle heil te vinden. Het geloof stelt mij als een bedelaar voor de Heere en leert mij opzien naar de gerechtigheid in Christus. God schenkt de gerechtigheid. Door het geloof ontvang ik de gerechtigheid. Het geloof is rechtvaardigend van aard.
 
Er is van de uitdrukking uit geloof tot geloof nog meer te zeggen. In het evangelie wordt de gerechtigheid geopenbaard uit geloof tot geloof. De aanduiding uit geloof tot geloof zegt dan iets over het evangelie. De prediking van het evangelie maakt een triomftocht door de wereld. Vanuit Jeruzalem wordt het verspreid over heel de wereld. De verkondigers van het evangelie trekken de wereld door. Zij zelf geloven dat evangelie en door de prediking komen mensen tot geloof. Uit het geloof van de verkondiger tot het geloof van mensenkinderen die door het evangelie gegrepen worden. Als een fakkel gaat het evangelie uit het geloof van het ene kind van God tot het geloof van het andere kind van God. Vanuit het geloof van de gelovigen uit het OT tot de gelovigen uit het NT. Vanuit het geloof van de eerste christelijke gemeente te Jeruzalem tot zij die uit de joden en de heidenen tot geloof komen. Als een olievlek verspreidt het evangelie zich over de wereld. Het is niet tegen te houden. Het is immers een Goddelijke kracht. 
 
Gelijk geschreven is: Maar de rechtvaardige zal uit het geloof leven. Paulus citeert de woorden uit Habakuk 2,4. De tijd van deze profeet werd beheerst door de opkomst van het Nieuw Babylonische rijk. Dat rijk betekende een groot gevaar, ook voor Juda. De profeet Habakuk kondigt Gods oordeel over het zondige Israel aan. Is er dan geen redding mogelijk? Ja, door het geloof. De rechtvaardige zal leven door het geloof. Paulus haalt deze woorden aan ter onderstreping van wat hij zegt. Woorden uit de geschriften, de heilige Schriften van het OT. Het geloof leeft uit Gods woord en rust op Gods belofte. Gods Woord openbaart de gerechtigheid van God in Christus. In de belofte wordt deze geschonken en door het geloof deelachtig gemaakt. God schenkt de gerechtigheid. Het geloof omhelst de gerechtigheid en eigent deze toe. Zo zal ik leven als een verloren zondaar in mijzelf in en door de gerechtigheid van Christus.
                                Nu ken ik de waarheid zo diep als gewis
                                Dat christus alleen mijn gerechtigheid is.
                                Nu tart ik de dood, verwin ik het graf.
                                Nu neemt mij geen satan de zegekroon af.
 
Ik schaam mij dat evangelie niet, schrijft de apostel Paulus. En u? En ik? Wie zelf mag leven van het evangelie gunt het anderen eveneens. Schamen wij het evangelie niet als wij erdoor bespot en gehoond worden, als er vervolging dreigt ? Als we leven in een geseculariseerde wereld? Er wordt momenteel veel geschreven  over de plaats en de houding van een christen in onze geseculariseerde maatschappij. We zien dat veel christelijke waarden worden weggedrukt uit het openbare leven. Neutraliteit en vrijheid zijn de modewoorden. We weten dat de Schrift spreekt over de tekenen van de eindtijd. Wie Christus navolgt is een vreemdeling op aarde, een burger van het hemelse koninkrijk. Hij wordt opgeroepen het kruis achter Christus te dragen. De roeping van de kerk en van elke christen is meer en meer uit Christus te leven, dicht bij Christus te blijven. We behoeven ons voor dat evangelie niet te schamen. Maar laten we er voor uitkomen. Dat kan nog in onze maatschappij. In een maatschappij als die van Noord Korea is het niet mogelijk. Toch mag de wereld weten wat we geloven. Laten we voor het evangelie uitkomen opdat anderen tot geloof mogen komen.
Christus zegt: “Want zo wie zich Mijner en Mijn woorden zal geschaamd hebben in dit overspelig en zondig geslacht, dien zal zich de Zoon des mensen ook schamen wanneer Hij  komen zal in de heerlijkheid Zijns Vaders met de heilige engelen. “  (Markus 8,38).
Ik schaam mij het evangelie niet. Waarom niet? Het is een kracht Gods  tot zaligheid. Hoe? Want de gerechtigheid Gods wordt in hetzelve  geopenbaard.
                               Looft Hem die u al wat gij hebt misdreven,
                               Hoeveel het zij genadig wil vergeven.