1 Een gezin in de richtertijd

Een gezin in de richtertijd
Hoofdstuk 1
1. Een gezin in de richterentijd
”In die dagen als de richters richtten, zo geschiedde het dat er honger in het land was; daarom toog een man van Bethlehem- Juda om als vreemdeling te verkeren in de velden van Moab, hij en zijn huisvrouw en zijn twee zonen. De naam nu van deze man was Elimelech en de naam zijner huisvrouw Naomi en de naam zijner twee zonen Machlon en Chiljon, Efrathers van Bethlehem- Juda, en zij kwamen in de velden van Moab en bleven aldaar.” 
Vers 1 en 2
Met enkele pennenstreken worden de omstandigheden getekend waaronder de geschiedenis over Ruth begint. Er is een Israëlisch gezin bestaande uit de ouders en twee zonen. De plaats waar het gezin woont, wordt genoemd en de tijd waarin het leeft en de moeilijke omstandigheden die ertoe geleid hebben dat dit gezin naar het buitenland vertrok De man en vader heet Elimelech. Een naam met een veelzeggende betekenis. Elimelech betekent: God is Koning. Een naam die een mens oproept om in gehoorzaamheid onder de HEERE te buigen in de erkentenis dat Hij alle dingen regeert. Deze naam houdt de belijdenis in van de alles omvattende heerschappij van God. Een leven in de vreze van die Koning geeft heil en vrede. De naam Elimelech is samengesteld uit El en Melek, de Hebreeuwse woorden voor God en koning. Welke betekenis de i heeft in deze naam is moeilijk te zeggen. Velen denken aan een rest van een oude naamvalsuitgang. Dan is de betekenis zonder meer: God is Koning. Anderen zijn van mening dat we te denken hebben aan een eerste persoonsvorm. De betekenis luidt dan: Mijn God is Koning. Dit geeft heel expliciet de belijdenis aan van een persoonlijk geloof in die Koning.  
De naam Naomi betekent lieflijkheid. We komen in de trein van het leven mensen tegen van allerlei snit en karakter. Sommigen hebben een aangenaam karakter en staan op een vriendelijke manier open voor anderen. Prettig om zulke mensen te ontmoeten of er mee om te gaan. Geestelijk, bij het ontdekkend licht van de Schrift kan men van een mens van nature echter niet zeggen dat lieflijk is en dat hij vanwege zijn zondig bestaan. Integendeel. Slechts in een bepaald opzicht, als genade heerschappij voert, is van een mens te zeggen dat hij lieflijk is. Een zondig mensenkind is schoon en lieflijk door de schoonheid van Christus Die enkel lieflijkheid is. Wanneer we in het geloof toenemen zal de lieflijkheid van Christus in ons leven uitstralen.
Het zou kunnen zijn dat de naam Machlon afgeleid is van een werkwoord dat ziek zijn betekent. Dan wil deze naam zeggen: ziekte of onvruchtbaarheid. Wellicht is de naam Chiljon of Kiljon afgeleid van een werkwoord dat wegkwijnen betekent. De naam Chiljon wil dan zoveel zeggen als zwakheid, broosheid, wegkwijnend. Deze namen geven op een treffende wijze het zwakke bestaan van een sterfelijk en zondig mensenkind aan. Zeker zijn deze afleidingen niet en derhalve blijft de betekenis van de namen Machlon en Chiljon onbekend. 
Het gezin woont in Bethlehem, een voorname plaats in het landschap Juda. Volgens het boek Jozua is er nog een Bethlehem, gelegen in het noorden van het land in het stamgebied van Zebulon (Joz, 19:15). Daarom wordt er nog bij vermeld dat ze Efrathers zijn. Het gebied rondom Bethlehem wordt Efratha, dat is vruchtbaarheid, genoemd. Zwierven hier de herders rond die de boodschap van de geboorte van Christus het eerst vernamen? Bethlehem is het broodhuis vanwege de vruchtbaarheid van de akkers in de omgeving in tegenstelling tot de woestijn van Juda even naar het oosten. Bij beide namen denken we aan de geboorte van de Heere Jezus in Bethlehem. Micha sprak van Bethlehem Efratha waaruit de Christus zou voortkomen. (Micha 5,1)  
Zie daar een gezin, woonachtig in Bethlehem. De namen der kinderen wijzen op ons zwak, sterfelijk bestaan. Het is goed dat we ons het terdege realiseren dat elk lid van een gezin een Adamskind is, sterfelijk en zwak. Het doopformulier zegt zo treffend, geheel aan het begin: ”Eerstelijk  dat wij met onze kinderen in zonden ontvagen en geboren zijn en daarom kinderen des toorns zijn die in het rijk Gods niet kunnen komen tenzij wij van nieuws geboren worden.” Het is Gods goedheid dat Hij over ons gezin de koepel van Zijn verbond plaatst, zodat we krachtens dat verbond leven onder de koninklijke heerschappij van Christus en onder zijn belofte. Alle leden van het gezin worden opgeroepen tot geloof en bekering om onder de Heere te buigen en Hem als onze Koning te erkennen. De belofte van het verbond wordt effectief door het geloof. Door het geloof voert de lieflijkheid van Gods genade in ons leven heerschappij. Riekt ons gezinsleven, of in ieder geval ons persoonlijk leven, naar de geur van Christus?   
Dit gezin leeft in de dagen als de richters richtten. De richterentijd omvat de periode vanaf de dood van Jozua tot aan het optreden van de eerste koning over Israël, koning Saul. Deze tijd is wel genoemd de middeleeuwen van het volksbestaan Israël. Een periode van  ongeveer twee honderd jaren.
Richters waren mensen die door God verwekt werden om in dagen van druk, tengevolge van de afval van het volk Israël van de dienst des Heeren, verlossing te brengen. We lezen van de richters in het boek Richteren. Er worden er twaalf genoemd. In het boek Samuel worden Eli en Samuel eraan toegevoegd.
Het was de heilige roeping van het volk Israël om in gehoorzaamheid aan de Heere naar Zijn instellingen en wetten te leven als Zijn volk. De Heere had dit volk onder leiding van Mozes uit Egypte verlost en bij de Sinaï in Zijn verbond opgenomen. Onder leiding van Jozua was men het land Kanaän ingetrokken, heeft men het veroverd en is het onder de stammen van Israël verdeeld. Het grote gevaar dat Israël in het beloofde bedreigde kwam van de kant der Kanaänieten. Niet alle Kanaänieten waren uitgeroeid tegen het uitdrukkelijk bevel van de Heere in. Israël zou zich met de overgeblevenen kunnen vermengen en hun heidense leefwijze in het dienen van de afgoden overnemen. Het gevaar was daardoor groot dat Israël van de ware dienst van de Heere zou afvallen. Jozua waarschuwde daartegen vlak voor zijn sterven op de gehouden landdag te Sichem.  
Het was de bestemming van Israël om als het volk van God in dankbare gehoorzaamheid naar Zijn wil te leven. De Heere had zijn wetten en instellingen geschonken. Er waren zijn gegeven beloften waaruit Israël kracht en moed kon ontvangen. De Heere woonde in het heiligdom te Silo op het verzoendeksel van de ark temidden van het volk. De oudsten hadden de taak zorg te dragen voor het burgerlijk bestuur. Er was geen koning. Een eenhoofdige leiding ontbrak. De Heere is de Koning van het volk. Het was de heilige plicht van Israël in de ontwikkeling van een geestelijke volwassenheid te leven als een theocratie, buigend onder de Heere en Hem te erkennen en alles van Hem te verwachten.
Maar Israël viel van de Heere af en leefde als de heidenen in het dienen van de afgoden. Als straf op haar zonden en openbaring van de rechtvaardige Goddelijke toorn daarover zond de Heere vijanden die het volk onderdrukten. Wanneer het volk uit de ellende tot de Heere riep gaf de Heere richters om het volk te verlossen. Een richter is een door de Heere verwekte en geroepen persoon. Zijn taak was om op te komen voor het recht des HEEREN. Tegenover de vijanden handhaafde hij het recht dat de Heere had op het volk Israël door het volk te verlossen van de tirannie en de vijanden te verslaan. Zo worden de richters verlossers genoemd  (Neh.9:27).
Vervolgens was het de taak van de richters om temidden van het volksleven van Israël zelf op te komen voor het recht des Heeren door het volk terug te roepen tot gehoorzaamheid aan de instellingen en wetten des Heeren en als Zijn volk te leven.
De richters waren geen koningen, evenmin was het richterschap erfelijk. De richterentijd moest dienen om het volk Israël te overtuigen van haar eigen geestelijke innerlijke zwakte. Zodat het zou verstaan dat het uit zichzelf niet in staat is naar de wetten des Heeren te leven. Deze tijd riep om een koning, een echte theocratische koning, om David. Vandaar dat we in het boekje Ruth, dat in de Bijbel op het richterenboek volgt, lezen over het voorgeslacht van koning David. Maar in diepste zin roept deze donkere periode om de komst van Christus. In die Borg ligt niet alleen vergeving van alle zonden, maar door Zijn Geest zal de vrucht van levendmaking in een nieuw aan God toegewijd leven zich openbaren. Juist in de richterentijd wordt op indrukwekkende wijze de trouw des HEEREN getoond, Die niet laat varen de werken Zijner handen en steeds weer naar het schuldige volk omziet om het te verlossen. Het is trouw al wat Hij ooit beval. ”Want Ik, de HEERE, word niet veranderd, daarom zijt gij, o kinderen Jakobs, niet verteerd.” (Mal.3:6) 
De tijd van de richters was een donkere vanwege geestelijke afval, geweld en burgeroorlogen. Het is een wonder van genade dat deze tijd overstraald werd door de trouw des HEEREN. Ons gezinsleven speelt zich af in de tijd tussen de hemelvaart en de wederkomst van Christus. Bij het licht van het laatste bijbeldoek, de Openbaring. Veel eeuwen zijn sedert het ogenblik dat Christus zegenend ten hemel voer als Overwinnaar van alle doodsmachten verstreken. Veelszins is onze tijd met die van de richters te vergelijken in geestelijke afval, geweld,  oorlogen en individualisme. Een zeer gecompliceerde tijd. Enerzijds trekt de satan door zeer veel zaken af van de Heere, zijn woord en dienst en doet hevige aanvallen op het gezinsleven. Anderzijds, en dat is een wonder van genade en liefde, trekt de Heere door Zijn woord. Hij is de machtige, de Almachtige. Wat zijn liefde wil bewerken, ontzegt Hem zijn vermogen niet. Laat u toch door de Heere overwinnen. We zijn zo onwillig van nature. We bidden: Trek mij Heere, wij zullen U nalopen. 
Tenslotte. Is aan te geven in welk deel van deze periode dit genoemde gezin geleefd heeft? Er valt het meest voor te zeggen om te denken aan de tweede helft. Immers, de zoon uit het huwelijk van Ruth en Boaz geboren, Obed, is de grootvader van David. Het is mogelijk dat er tussen Obed en David nog een voor ons onbekende schakel geweest is, zoals meer in de beschrijving van de geslachtslijnen in de Bijbel gebeurt. Ik ga daar niet van uit. In een noot wordt in de Studiebijbel OT bij de verklaring van het boek Ruth opgemerkt dat deze geschiedenis hoogstwaarschijnlijk zich heeft afgespeeld in de periode tussen Ehud en Jefta, omdat Israël toen Moab overheerste.