Hemelvaart (1/3)

 “En het gebeurde als zij voortgingen gaande en sprekende, zie, zo was er een vurige wagen met vurige paarden die tussen hen beiden scheiding maakte. Alzo voer Elia met een onweder ten hemel.”

2 Koningen 2: 11

 “En Hij leidde hen buiten tot aan Bethanië en Zijn handen opheffende zegende Hijhen. En het geschiedde als Hij hen zegende dat Hij van hen scheidde en werd opgenomen in de hemel.”

Lukas 24: 50 en 51

 

Hemelvaart. We gaan ver terug in het Oude Testament. We denken aan Henoch. Zijn naam wordt genoemd in Genesis 5. De mannen die in dit hoofdstuk genoemd worden bereikten een zeer hoge leeftijd. En toch lezen we steeds weer: en hij stierf. Dat staat er van Henoch niet.

De Schrift getuigt bijzondere zaken van hem. Henoch wandelde met God en hij was niet meer, want God nam hem weg (Gen.5:24). In Hebreeën wordt van hem verhaald dat hij door het geloof is weggenomen opdat hij de dood niet zou zien (Hebr.11:5).

Het is nog al wat hetgeen van hem verhaald wordt. Hij wandelde met God . Hij behaagde de HEERE. Dit zijn geen prestaties van Henoch. Zeker niet. Ook hij was een zondig mensenkind van gelijke bewegingen als iedereen.  Nee, de Heere openbaarde in het leven van Henoch Zijn genade. Niemand kan van zichzelf God behagen. Alleen door het geloof. Als er staat dat Henoch met God wandelde is dat in de weg van geloof en bekering.

God nam hem weg. Henoch was toen 365 jaren oud. In de rij van die stokoude mensen was hij dus nog een jonge man. Toch nam de HEERE hem weg en betoonde daarin een Beloner te zijn van die Hem zoeken.

God nam hem weg. Van de aarde naar de hemel.  Zonder te sterven nam God hem op in de hemel. Hij kreeg een verheerlijkt lichaam. In een punt des tijds deed het sterfelijke onsterfelijkheid aan en het verderfelijke deed onverderfelijkheid aan.

 We gaan van Henoch naar Elia. Het hoofdstuk 2 Koningen 2 begint met de indrukwekkende mededeling dat de HEERE Elia in een onweder ten hemel zou opnemen. Met een vurige wagen getrokken door vurige paarden werd hij ten hemel opgenomen zonder de dood te zien. Ook voor hem gold dat hij in een punt des tijd een verheerlijkt lichaam ontving.

De opneming van Henoch in de hemel staat aan het begin van de geschiedenis van de mensheid. De zonde doortrok het leven der mensen in goddeloosheid. Het gedichtsel der gedachten van het hart was te allen dage alleen boos, zo staat opgetekend.    

Het optreden van Elia als profeet vond plaats toen het volk Israel onder koning Achab in zonde leefde en boog voor de afgoden  en de Heere verliet. Het leefde niet als het volk van God naar Zijn geboden en inzettingen.

Elke mens is zondig. Niemand is uit zichzelf in staat voor de Heere te leven. Allen zijn kinderen des doods. De opneming van Henoch en die van Elia in de hemel wijzen profetisch heen naar de hemelvaart van Christus. Ja, zij zijn een vrucht van de hemelvaart van Christus. De gevallen mensheid is niet in staat naar Gods geboden te leven, weigert dit en zal in de zonde ten onder gaan. Toch was er Henoch die door Gods genade met God wandelde en in de eeuwige heerlijkheid werd opgenomen. Het volk Israel was is ondanks alle weldaden niet in staat voor de  Heere te leven. De Heere gaf de profeet Elia die opriep tot bekering door het Woord. De HEERE nam hem op in Zijn heerlijkheid. Dit vindt zijn vervulling in Christus en is een vrucht van de arbeid van Christus. Hij is nedergedaald in de nederste delen der aarde om te lijden en te sterven. Na Zijn opstanding is Hij opgevaren ten hemel. Door Hem worden zondaren levend gemaakt om voor de Heere te leven. Door het geloof in Christus mogen zij het Vaderhuis binnen gaan om in volmaaktheid voor de Heere te leven.

We willen een ogenblik stilstaan bij de hemelvaart van Christus. Zijn hemelvaart was naar de Schriften. Dat wil zeggen dat reeds het Oude Testament profetisch er naar verwijst. We letten dan bijzonder op de hemelvaart van Elia. Christus ging zegenend heen naar het Huis des Vaders. Laten we dat nooit vergeten. Zijn hemelvaart geeft voor allen die geloven een rijke vrucht.

1. Naar de Schriften  

Op 9 april 1945 werd – 39 jaar oud -  de Duitse predikant Diertrich Bonhoeffer opgehangen. Dat gebeurde vanwege zijn aandeel in de mislukte aanslag op Hitler aan het einde van de wereldoorlog. De dag voor de terechtstelling preekte hij voor zijn medegevangenen. De preek was bijna ten einde toen een bewaker de zaal binnenkwam  en riep: Gevangene Bonhoeffer, klaarmaken. Meegenomen door de bewaker waren zijn laatste woorden tot zijn medegevangenen: Dit is het einde, voor mij het begin van het leven. Deze woorden zouden gepast als opschrift kunnen dienen boven het  Schriftgedeelte 2 Koningen 2: 1 – 14. Het einde van het aardse leven van Elia. Voor hem het begin van het ware en volle leven. 

 De aanhef van dit hoofdstuk is indrukwekkend. Eveneens de beschrijving. De HEERE gaat Elia opnemen in de hemel in een stormwind. Zijn optreden en prediking onder het volk Israel straalden het vuur van de Majesteit Gods uit. Denk aan het gebeuren op de Karmel. Zijn heengaan straalde ook het vuur van Gods heerlijkheid uit.

We zien Elia een tocht maken, vergezeld van de jongere Elisa. Enkele jaren terug is Elisa tot de opvolger van Elia als profeet geroepen. Sindsdien hebben we niets meer van hem vernomen. Hij zal veel onderwijs van Elia hebben ontvangen en hij heeft hem gediend.

Elia was gewoon om bij bijzondere opdrachten van de Heere alleen te gaan. Samen verlaten ze nu Gilgal, een stadje in de buurt van Sichem in het midden van het land. Elia dringt er bij Elisa op aan in Gilgal te blijven want de HEERE heeft hem naar Bethel gestuurd. Maar Elisa weigert met een  eedzwering voor de  HEERE aan dit verzoek gehoor te geen. Hij gaat mee. Bij het verlaten van Bethel dringt Elia er weer op aan dat Elisa blijft, want de HEERE heeft hem naar Jericho gezonden. Weer weigert Elisa dat en hij gaat mee. Wanneer zij Bethel verlaten vragen de profetenzonen  Elisa  of hij het weet dat de HEERE zijn meester van boven zijn hoofd gaat wegnemen.  Van boven zijn hoofd. Elia zal dus ten hemel worden opgenomen. Elisa antwoordt dat hij het ook weet en dat hij het zwijgen er aan toedoet.

Bij Jericho aangekomen herhaalt zich hetzelfde. Elia zegt dat de Heere hem naar de Jordaan heeft gezonden en weer weigert Elisa te blijven. De profetenzonen te Jericho vragen aan Elisa hetzelfde wat de profetenzonen te Bethel vroegen.

Dan komen Elia en Elisa bij de Jordaan aan. Vijftig manen uit de profeten slaan het uit de verte gade. Beide profeten staan bij de Jordaan. Elia heeft zich ermee verzoend dat Elisa meegaat. Elia neemt zijn mantel en slaat ermee het water. Dat wijkt zodat ze beiden op de droge bodem van de Jordaan naar de overkant trekken.

Toen Mozes met Israel voor de Rode zee stond hief hij zijn staf op en kliefde het water. De staf was symbool van de hem over het volk verleende macht en wees heen naar de macht des HEEREN. De mantel was symbool van het aan Elia verleende profetenambt en wees heen naar de HEERE die hem tot profeet riep. Zo mochten beiden door het geloof in de almacht des Heeren het water klieven. 

Elia en Elisa trekken samen verder en spreken met elkaar. En dan gebeurt een groot wonder. Er komt een vurige wagen getrokken door vurige paarden tussen de beide manen in en deze wagen Gods neemt Elia mee ten hemel. Elisa vindt de profetenmantel van Elia voor zijn voeten en trekt deze aan. We kunnen denken aan een stormwind, gepaard gaande met onweer en bliksem. In dit hemelvuur wordt Elia opgenomen in de hemel.

 

We lezen later (2 Kon. 6)  dat op het gebed van Elisa de Heere de ogen opent van zijn knecht zodat deze mag zien dat ze beschermd zijn door paarden en wagens van de HEERE. Zo wordt dus Elia door een hemelse strijdwagen wagen ten hemel gevoerd.